Actueel
Succesvolle nascholing neonatale hielprikscreening
Geplaatst op 17 juni 2008 (4:00)
In het kader van de uitbreiding van de neonatale hielprikscreening heeft ELANN dinsdagavond 27 mei jl. een bijscholingsavond georganiseerd. Hier hebben 43 belangstellenden aan deelgenomen, waaronder verloskundigen, JGZ-artsen, de coördinator neonatale screeningen jeugdgezondheidszorg en een aantal huisartsen.
Sinds vorig jaar is de neonatale hielprikscreening bij pasgeborenen uitgebreid met een groot aantal stofwisselingsziekten en sikkelcelziekte. Bovendien kan uit de screening blijken dat een kind drager is van sikkelcelziekte. Deze uitbreiding heeft consequenties voor de uitvoering van de screening en voor de inhoud van de voorlichting aan (aanstaande) ouders door betrokken hulpverleners, zoals verloskundigen, JGZ-artsen, wijkverpleegkundigen en huisartsen.
Regionale sprekers
De cursus is ontwikkeld door het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM), maar is uitgevoerd door de volgende regionale sprekers:
- Ingrid Drijfhout, medisch adviseur RIVM Noord Nederland, beet de spits af met het logistieke proces rond de uitvoering van de screening. Ze maakte duidelijk wie in welk gedeelte van het proces verantwoordelijk is voor een goede uitvoering van de screening.
- Francjan van Spronsen, kinderarts metabole ziekten UMCG, vervolgde de avond en gaf ziektespecifieke informatie ondersteund door videobeelden.
- Na de pauze was het woord aan Barbara Slothouber, genetisch consulent UMCG. Zij ging nader in op dragerschap en voorlichting bij sikkelcelziekte. Er werd stilgestaan bij de betekenis van dragerschap en hoe hier mee kan worden omgegaan.
- Tenslotte nam Ingrid Drijfhout opnieuw het woord en ging zij in op de regionale praktijkervaring. Ook werden een aantal casussen besproken.
Regionale knelpunten
Dit laatste gaf een levendige einddiscussie waarbij ook regionale knelpunten aan bod kwamen. Een aantal voorbeelden van knelpunten waren:
- Waarom worden de verloskundigen niet geïnformeerd over de uitslag? Zij voelen zich verantwoordelijk voor moeder en kind tot en met de kraamperiode. Ook hebben ze goed zicht op de gezondheidstoestand van de pasgeborene.
- Hoe zorg je, met name tijdens weekenden en nationale feestdagen, dat alle kinderen binnen één week na de geboorte geprikt worden?
- Er wordt verschillend omgegaan met de dagtelling. De ene beroepsgroep hanteert de geboortedag als dag 0, de ander als dag 1.
De aanwezige verloskundigen en JGZ-artsen benadrukten hoe belangrijk zij het vinden dat de huisarts hen op de hoogte stelt van de uitslag van de hielprikscreening. Hun ervaring is dat dit in de praktijk nog lang niet altijd gebeurt. Dit leidt nogal eens tot verwarring en frustratie, omdat de ouders op deze manier niet adequaat kunnen worden voorgelicht en ondersteund.
Meer informatie?
Voor iedereen die niet aanwezig kon zijn - en voor alle aanwezigen die de informatie van het RIVM nog eens willen nalezen - bestaat er de website RIVM-hielprikprofessionals. Interessant op deze sites zijn de checklisten voor voorlichtingsgesprekken en informatie bij afwijkende uitslag. Ook zijn er via deze site folders over de hielprik te downloaden in verschillende talen.