André Rouvoet: "U heeft geen idee hoe solidair u bent"

10 december 2015

Een levendige voordracht van de voorzitter van Zorgverzekeraars Nederland (ZN), André Rouvoet, voor de georganiseerde eerstelijnszorg in Groningen. Bert Westerink doet verslag.

Tegen het einde van het jaar nodigt ELANN/ROS de eerstelijns beroepsgroepen uit voor een ontspannen samenzijn. Dat wordt ingeleid met een borrel, waarna een klassiek Nederlands stamppot-buffet volgt. Maar het zou Groningen niet zijn, als het bij ontspanning bleef. De spreekwoordelijke degelijkheid is er in de vorm van een spreker en een gedachtewisseling.

Het land in

De bijeenkomst gisteren was er één in een reeks, waarin vorig jaar Tom van ’t Hek figureerde. Nu schoof André Rouvoet aan om sfeer en stamppot mee te proeven én een inleiding te verzorgen. In reactie op onze vraag gaf Rouvoet aan veelvuldig ‘het land in te gaan’ en zich graag onder de mensen in het veld te begeven. Deze open opstelling legde hij daadwerkelijk aan de dag, wat de zaal wederkerig beantwoordde. Ook ZN lid en tevens regionaal preferente Zorgverzekeraar Menzis mengde zich actief in de gedachtewisseling met de zaal.

Rouvoet opende met beelden van acties als ‘Red de zorg’ en wierp daarbij de vraag op: ‘Waarvan?’ Hij motiveerde dat met een verwijzing naar de kwaliteit van zorg, die in ons land op hoog niveau staat, de hoge mate van werkgelegenheid die het biedt, en de OESO-lijst voor bereikbaarheid en toegankelijkheid van zorg, die Nederland al zes jaar aanvoert. En bezuinigen, aldus Rouvoet, is een relatief verwijt nu uitgaven voor ‘cure’ (GGZ, ziekenhuiszorg) nog steeds stijgen. “We geven jaarlijks 75 miljard aan zorg uit, maar realiseren ons te weinig alle baten ervan, onder meer doordat die veelal in andere sectoren worden geboekt.” Daarentegen vloeide de stelselwijziging, die resulteerde in de Wet Langdurige Zorg,  zijns inziens onder meer voort uit het feit dat we de OESO-lijstjes ook aanvoerden aangaande de zorgkosten voor langdurige zorg.

Solidaire samenleving

Samengepakt liet Rouvoet zien dat in 2016 de zorguitgaven per volwassene gemiddeld 5.328 euro bedragen. “Maar,” liet hij daar stellig op volgen, “dat is allemaal geen probleem. Het is immers een bijdrage aan de solidaire samenleving die we wensen. Met het betalen van uw zorgpremie bent u meer solidair dan u zich realiseert.” Met deze wending was Rouvoet tegendraadser dan menig toehoorder verwachtte, bleek na afloop. Hij reageerde op meerdere kritische opmerkingen jegens de zorgverzekeraars met instemming. Onder meer een bewust ongecontracteerd gebleven fysiotherapeut confronteerde hem met de vele ongewenste verplichtingen. Rouvoet benadrukte het overleg over terugdringen van de administratieve lastendruk. Na de huisartsen (Het Roer Moet Om) voert ZN hierover met veertien andere beroepsgroepen overleg. Relativerend wees hij op de verantwoordelijkheid van de overheid: als de kamer eerst unaniem moties aanneemt om zorgfraude tegen te gaan, en dat korte tijd later weer doet tegen de administratieve lastendruk, is dat een miskenning van het verband tussen beide. Het voorbeeld was echter uit Rouvoets leven (als kamerlid) gegrepen.

Vier opgaven

Hij ziet vier opgaven voor de toekomst: beheersing zorgkosten; transparantie van kwaliteit; anders betalen voor zorg (nu sturen we op kosten in plaats van op gezondheidswinst); coalitievorming tussen verzekeraar en verzekerde. In die laatste opgave kwam samen wat als noemer onder Rouvoets hele benadering geplaatst kan worden: het vertrouwen dat binnen de driehoek zorgaanbieders, patiëntenorganisaties en zorgverzekeraars nodig is om het stelsel in de kern overeind te houden. Vertrouwen namelijk in elkaars intenties en motieven.

ELANN/ROS ziet tevreden terug op de goede vertegenwoordiging van de breedte van de eerste lijn. Aan de reacties in de zaal en evenzeer tijdens de borrel-na-afloop, ontleent de ROS voldoende bevestiging voor een vervolg.