Veel health tijdens HollandWebWeek

25 september 2015

Van de laatste technische  snufjes die het Groninger ICT en OnLine-festival bood, was een aantal zeker ook relevant voor de eerste lijn.

Met belangrijke opleidingscentra en een demografisch grootaandeel jongeren, biedt Groningen de juiste context voor innovaties en start-ups.  Het ICT en Online-festival HollandWebWeek, dat medio september plaatsvond in Groningen, bood een kijkje in de keuken. Van de health toepassingen,  die tijdens het festival werden gepresenteerd, lichten we er enkele met eerstelijnsrelevantie uit.

Virtual reality

Door een virtual reality bril kijken naar levensechte situaties en daarmee om leren gaan. Er werd een praktijkvoorbeeld getoond van een jonge vrouw met pleinvrees. Zij liep virtueel rond op een station waardoor ze soms letterlijk terugdeinsde als mensen te dichtbij kwamen. Oefenen ging onder meer door eenvoudige vragen te stellen: “Kunt u me zeggen hoe laat het is?” Ondanks dat zij nooit had gedacht uit zichzelf de bus te durven nemen, was dat er toch van gekomen. De zaal hoorde het muisstil aan. Er zouden in ons land ruim een miljoen mensen zijn met een angststoornis. Voor degenen onder hen met angst voor de dokter of tandarts heeft het programma wat te bieden. In de praktijk blijkt hetzelfde voor patiënten met verslavings- en agressieproblematiek.

Devices

Een panic-button voor aan het dwalen geraakte Alzheimer-patiënten en 'Klassecontact’ voor de jaarlijks honderden kinderen die door langdurige ziekte of revalidatie niet naar school kunnen. Van het laatste apparaat werd een demonstratie verzorgd. Een portable monitor met 3600 draaibare camera erop, staat als kastje op een tafeltje tussen de kinderen in de klas. Het kind en de klas zien en horen elkaar. Vanaf diens verblijfplaats kan het kind zelfs een ‘virtuele vinger opsteken’ door via een knop een rood lampje op te laten lichten. Deze ‘aanwezigheid’ draagt zowel bij aan het terugdringen van leerachterstanden als aan het intact houden van de vriendenkring.

Apps

De huisarts en andere eerstelijnszorgverleners behoren tot de kern van het zorgnetwerk rond zelfstandig wonende, zieke ouderen. Om de oudere, zorgverleners, naasten en mantelzorgers daadwerkelijk tot elkaar te brengen werd de werking van de app MetMij getoond. De ontwikkelaars richten zich niet op het delen van zorginhoudelijke kennis: het zorgplan blijft het domein van de zorgverlener(s), maar kan uiteraard via de app gedeeld worden. Doordat de oudere patiënt kan deelnemen aan sociale interactie kunnen signalen worden opgevangen die tot actie moeten leiden en kan een ‘digitaal logboek’ worden bijgehouden. De (blijken van) betrokkenheid gaan gevoelens van eenzaamheid tegen, wat positief van invloed kan zijn op het ziekteverloop. Ook kan het niet-ziektegerelateerde vragen richting de zorgverlener(s) voorkomen, en bijdragen aan het  terugdringen van hun administratieve last. Op voor de hand liggende aarzelingen over de gebruiksvriendelijkheid bleek adequaat ingespeeld. Bovendien moet verwacht worden dat dergelijke aarzelingen voor de oudere van de (nabije) toekomst niet meer spelen. Hetgeen de noodzaak onderstreept om als eerste lijn in het algemeen een actieve oriëntatie op E-health aan de dag te leggen. De HollandWebWeek baande op aantrekkelijke wijze de weg daar naartoe. Voor info via de website van de HollandWebWeek klik hier.