Menzis en de praktijkmanagers

26 juni 2018

Als het gaat om samenwerking tussen huisartspraktijken ziet Menzis een belangrijke rol weggelegd voor de praktijkmanagers: zij zijn de verbindende schakel.

Op 15 mei schoof Etty ter Steeg, regiomanager van Menzis, aan bij een bijeenkomst van het Eerstelijns Managers Netwerk (EMN). Ongeveer 30 managers uit alle delen van de provincie woonden de bijeenkomst bij. Behalve op de samenwerking van huisartsen en de rol van de praktijkmanager daarin, liet Etty ter Steeg haar licht schijnen op de huisartsenzorg op lange termijn, het huisartsentekort in krimpregio’s, en substitutie van zorg.

Wat is de visie van Menzis op de huisartsenzorg op lange termijn?

Etty ter Steeg: Van de zorg die in de loop der jaren verplaatst is naar de ziekenhuizen, kan een deel ook plaatsvinden in de huisartsenpraktijk. Het is voorstelbaar dat dat ook daadwerkelijk gaat gebeuren. Dat wil niet zeggen dat iedere praktijk of huisarts alle zorg moet kunnen leveren. Menzis gaat er vanuit dat er in de toekomst meer gespecialiseerde huisartsen zullen komen en dat de zorg  op een andere manier zal worden georganiseerd. Vraag is of je voor ieder dorp een volledige huisartsenpraktijk zult hebben. De krimp en de krappe arbeidsmarkt maken het steeds moeilijker om opvolgers te vinden. Je kunt je voorstellen dat er steeds meer zorg in grotere kernen geclusterd zal worden, met satellieten in de dorpen erom heen. Dit past binnen de visie van Menzis. Het clusteren van zorg zowel in de stad als in de provincie, de herinrichting van het zorglandschap zou daarom meer op de agenda moeten staan bij huisartsen.

Wat kan Menzis betekenen voor de krimpregio’s, m.n. het huisartsentekort?

Etty ter Steeg: Wat we nu doen is, samen met de ROS en de Huisartsenkring Groningen, proberen om het voor te zijn dat er op het moment dat er een praktijk vacant komt er geen opvolging is. De ROS heeft dit goed in beeld en vraagt oudere praktijkhouders preventief of ze al over opvolging hebben nagedacht. Het praktijkhouderschap wordt ook onder de aandacht gebracht bij de WAGRO en de Huisartsenopleiding door onder meer een busreis. Iedere twee jaar gaan de ROS en Menzis met jonge huisartsen met een bus de regio in om  het werken in de provincie te promoten. Zo proberen we het wankele evenwicht onder de aandacht te brengen. Is er een verouderde, moeilijk opvolgbare praktijk, dan zet Menzis middelen in om de praktijk weer up-to-date te maken. Op de site van Menzis staat alleen het landelijke beleid; hier in de regio kunnen de middelen op maat worden ingezet. De eerdere module is afgeschaft en als er nu een hulpvraag van deze aard binnenkomt, dan maakt Menzis een S3 afspraak met de individuele huisarts die de praktijk wil opvolgen. Het is de enige S3 afspraak die Menzis met een individuele huisarts maakt, op maat. De ROS is goed op de hoogte in hoeverre Menzis sterk verouderde en moeilijk opvolgbare praktijken kan ondersteunen. 

Voor de substitutie van zorg zijn er gelden die niet benut worden omdat er geen plannen komen, klopt dat?

Etty ter Steeg: Nee, die gelden en potjes zijn er niet. Als we iets willen met zorgvernieuwing in de eerste lijn, dan moet dat er toe leiden dat er ergens anders, bijvoorbeeld bij de ziekenhuizen, bespaard wordt, zodat er geld beschikbaar komt. Menzis heeft meerjarenafspraken gemaakt met de ziekenhuizen onder meer over het verplaatsen van zorg naar de eerste lijn. Het MZH loopt hierin voorop, met hen is als eerste een overeenkomst gesloten. Daar zie je al mooie ontwikkelingen: er zijn meerdere zorgvernieuwingsprogramma’s gestart. Deze meerjarenafspraken stralen ook al uit naar de rest van de regio. Onlangs zijn het MZH en de Groninger Huisartsen Coöperatie (GHC) gestart met een innovatieve manier van digitale consultatie tussen huisarts en specialist. Een huisarts kan via de beveiligde verbinding van VIPLive, vragen stellen aan een medisch specialist. Van de consultatie wordt zowel een melding in het HIS als in het ZIS gedaan. Daardoor wordt de inhoud goed geborgd. De afspraak is dat er alleen gefinancierd wordt als de consultatie niet tot een verwijzing leidt. Zo zijn we wel degelijk bezig om de tweede lijn in stelling te brengen. Dit heeft tijd nodig. Als je het hebt over verplaatsing van de zorg, dan loopt de regio Groningen, landelijk gezien, behoorlijk voorop.

Samenwerken en krachten bundelen

Er ontspint zich een discussie over samenwerking. Vanuit de zaal wordt aangegeven dat er sprake is van een cultuurverschil: huisartsen komen niet uit het bedrijfsleven. Deze beroepsgroep is het niet gewend om samen te werken en heeft dat ook lange tijd niet gehoeven. Als je je krachten bundelt, dan heb je een gesprekspartner en kun je gezamenlijk optrekken. De druk komt ook door de substitutie. Huisartsen zijn hier nog niet goed op voorbereid; er is vaak nog onvoldoende structuur, kwalitatief goed geschoold personeel en ruimte aanwezig. Ook hier is de sleutel de bundeling van krachten en het verenigen van groepen.

Etty ter Steeg herkent dit. Meer samenwerken, dat is een onderdeel waarbij de praktijkmanager een grote rol kan spelen door verbinding met andere praktijken te leggen. Je hoeft als praktijk immers niet alles zelf te doen. Je kunt de zorg ook delen.

Hoe ziet Menzis de rol van praktijkmanager?

Etty ter Steeg: Menzis wil er alles aan doen om de huisarts te ontlasten. Zo is de norm voor de module praktijkmanagement van 7500 patiënten losgelaten, om in iedere praktijk praktijkmanagement in te kunnen zetten. Dat is mooi, maar het zorgt ook voor versnippering. En juist daar is een belangrijke rol weggelegd voor de managers. Zij moeten de verbinders zijn door samenwerking te zoeken en onderwerpen bespreekbaar te maken met praktijken in de buurt. Wat Menzis vraagt van de praktijkmanager staat ook op de site (klik hier voor een directe link naar de Menzis site).